Vrijetijdskarts - Deel 2: Veiligheidseisen voor kartfaciliteiten
Deze Europese norm is van toepassing op kartfaciliteiten, zoals gedefinieerd in 3.1 hieronder, met betrekking tot karts die niet bedoeld zijn voor gebruik op de openbare weg.Deze Europese norm is van toepassing op:- alleen gebruik van vrijetijdskarts - werking van karts aangedreven door een verbrandingsmotor, inclusief LPG (liquefied petroleum gas) verbrandingsmotoren - gebruik van karts die worden gebruikt op binnen- en buitenbanen, permanent of tijdelijk - gebruik van karts die worden gebruikt op bewaakte banen die zijn ontworpen voor vrijetijdskarting, met een permanente harde ondergrond (zoals asfalt, beton, hout en staal) Dit deel 2 gaat niet in op het gebruik van karts op ijs of sneeuw.Deze Europese norm is niet van toepassing op:- exploitatie van karts die worden gebruikt voor wedstrijden georganiseerd door en onder de verantwoordelijkheid van Commission international of Karting (CIK), Federation International of Automobile (FIA) en/ of ASN (een nationale automobielclub of andere nationale instantie die door de FIA is erkend als enige houder van macht in een land), door middel van het verlenen van licenties door een ASN of een van zijn aangesloten leden zoals gedefinieerd in de Internationale Sportcode, ervoor te zorgen dat de veiligheids-, sportieve, disciplinaire en technische regels van de CIK-FIA en/ of ASN worden nageleefd - gebruik van karts die uitsluitend zijn ontworpen voor wedstrijden en speelgoed - bediening van cross country karts - bediening van karts met twee of meer zitplaatsen - gebruik van karts die worden gebruikt op banen die hierboven niet zijn vermeld (zoals modder, aarde) - bediening van karts die worden gebruikt in pretparken.De vereisten met betrekking tot de gevaren van elektrische voortstuwing worden niet behandeld in deze Europese norm. Behalve wanneer de gevaren van elektrische voortstuwing dicteren, zijn de operationele normen hierin van toepassing op elektrische karren.Deze Europese norm specificeert passende maatregelen om de risico' s die voortvloeien uit significante gevaren, gevaarlijke situaties en gebeurtenissen (zie hoofdstuk 6) tijdens het gebruik en onderhoud van de karts te elimineren of te verminderen, wanneer uitgevoerd zoals bedoeld door de fabrikant.Dit document is deel 2 over het ontwerp en de exploitatie van het spoor waarnaar wordt verwezen in de reikwijdte van deel 1.Dit document dient als leidraad voor circuitexploitanten met betrekking tot de veilige exploitatie van kartfaciliteiten. Het neemt de verantwoordelijkheid van de deelnemers voor hun eigen veiligheid niet weg, noch neemt het overheersende principe weg dat autosport door zijn aard gevaarlijk kan zijn.
View in